Correspondentie met de NS

 

Lange tijd geleden werden de NS benaderd ivm de campagne.

Via het directiesecretariaat werd ik verbonden met de woordvoerder rookbeleid der NS. In de loop van het gesprek wekte de man de indruk enigszins geirriteerd en een roker te zijn, hetgeen hij desgevraagd beaamde. Hij vertelde ook dat hij de rookpalen op NS-stations had bedacht en wilde niets weten van het verbod op roken onder overkappingen van openbare gebouwen waarop ik enige tijd eerder was gewezen.

 

Eerlijk gezegd: het kan natuurlijk niet zo zijn dat een roker woordvoerder rookbeleid is, net zo min als een alcoholist woordvoerder alcoholbeleid.

 

Onlangs heb ik de NS nogmaals benaderd over het voorgaande: omdat het faxnummer der directie ineens opgeheven bleek, had ik de inhoud van de korte brief keurig ingesproken op de voicemail van het telefoonnummer van directie-secretaresse mevr. van V..

 

Toen weken later nog geen reactie was ontvangen, nam ik enkele donderdagen geleden nogmaals contact op. Collega-secretaresse mevr. M. kon geen antwoord geven en liet weten dat ze een dag later meer zou weten. De volgende dag kreeg ik mevr. van V. aan de lijn en zij liet weten dat ze het bericht had gehoord, maar dat ze het niet had uitgewerkt. 'Ik ben niet uw secretaresse'. Dat had ik ook niet gezegd of gedacht.

 

Vanwege het plotselinge uitvallen van het NS-faxapparaat was het bericht, zoals gezegd, ingesproken. In de brief stond o.m. dat de NS haar (volgens velen vermaledijde) rookpalen diende te verwijderen en dat een roker geen woordvoerder rookbeleid kan zijn. De secretaresse voegde me vervolgens toe: u stuurt maar een brief. Vervolgens wees ik haar erop dat de NS verplicht is een ontvangen klacht te behandelen. Daarop herhaalde ze dat ik maar een brief moest sturen, gevolgd door: dag mevrouw, en gooide ze de haak erop.

 

Conclusie
Veel besef van hun verplichtingen tegenover de maatschappij viel niet te bespeuren bij de NS-leiding: de verslavingen van Roger van Boxtel en de woordvoerder zijn daar waarschijnlijk niet vreemd aan. Bij beiden is sprake van belangenverstrengeling: er zijn helaas maar weinig rokers die in staat zijn hun persoonlijke verslaving ondergeschikt te maken aan het maatschappelijk belang.